Topvrouw TenneT: ‘De verbouwing van het stroomnet is een grotere klus dan de Deltawerken’
In het kort
- Manon van Beek is verantwoordelijk voor €160 mrd aan investeringen in het Nederlandse en Duitse stroomnet.
- Daarvan moet de netbeheerder de komende tien jaar meer dan 700 grote infrastructuurprojecten uitvoeren.
- Van bedrijven verwacht ze dat ook zij meedoen, bijvoorbeeld door de spits te mijden.
Manon van Beek moet ervoor zorgen dat de economische groei en de verduurzaming van Nederland niet vastlopen omdat bedrijven en huishoudens geen toegang hebben tot stroom. Een enorme verantwoordelijkheid. ‘Als leider heb je de plicht om optimistisch te zijn.’

Manon van Beek was dit jaar regelmatig de brenger van slecht nieuws. Afgelopen donderdag nog kregen supermarkten, zwembaden en andere Noord-Hollandse grootverbruikers van stroom te horen dat ze de komende tien jaar een nieuwe netaansluiting wel kunnen vergeten. Ook neemt de kans op langdurige stroomstoringen toe, bijvoorbeeld aan de Amsterdamse Zuidas. Een week eerder was de boodschap aan bedrijven in de Rotterdamse haven dezelfde.
Het is, kortom, het soort nieuws dat bedrijven tot wanhoop drijft omdat ze hun toekomstplannen zien verbrokkelen. Want verduurzamen, uitbreiden, nieuwe vestigingen starten, al die zaken vragen om meer stroom.
Geen werk, een missie
Niet dat Van Beek, als hoogste baas van landelijk netbeheerder TenneT, altijd degene is die zelf het sinaasappelkistje bestijgt om het nieuws te verkondigen. Maar zij is wel degene die de eindverantwoordelijkheid draagt. En de persoon die verantwoordelijk is voor het oplossen van dat enorme probleem van het volle stroomnet. Kort door de bocht moet zij ervoor zorgen dat de economische groei en de verduurzaming van Nederland niet vastlopen omdat bedrijven en huishoudens geen toegang hebben tot stroom.
Of die verantwoordelijkheid als een last op haar schouders drukt? ‘Ja, ik voel die verantwoordelijkheid wel. Mijn werk is ook meer dan mijn werk. Het is een missie. En het gaat continu door. Het is de prijs die je betaalt voor een topbaan.’
Om dat vol te houden, leidt ze een gedisciplineerd leven. Ze gaat vroeg naar bed en staat vroeg op, eet gezond, drinkt nauwelijks alcohol. Twee keer per week sport ze met een personal trainer in de achtertuin. ‘Niet omdat ik het nou zo leuk vind, maar om overeind te blijven.’ Haar schaarse vrije tijd besteedt ze aan haar gezin.
Niet dat je Van Beek hoort klagen. Het past bij haar, hard werken. Ze kreeg het mee vanuit huis. Van Beek groeide op in een katholiek gezin in Brabant. Haar ouders hadden een drogisterij, stonden zes dagen per week in de winkel. ‘Er moet gewerkt worden. Want je bent op aarde om ergens toe bij te dragen’, was de boodschap.
Niet verlamd raken
Ze vertelt het vanuit een hotelkamer ergens in Oslo. Keurig gekapt, zoals altijd, verschijnt ze op het beeldscherm. Eigenlijk zou het interview in persoon plaatsvinden in een café in Bussum, maar storm Darragh bepaalde anders. De vlucht van de topvrouw is al twee keer verschoven naar een later tijdstip. Niet ideaal, maar ze maakt er het beste van. Kalm maar kordaat beantwoordt ze vragen.
Als leider heb je de plicht om optimistisch te zijn, zal ze later in het gesprek zeggen. Dat prent ze zichzelf iedere ochtend weer in. ‘Je mag niet verlamd raken door de enorme opgave voor je. En je mag ook niet weglopen voor wat niet goed gaat.’ Zoals bij dat brengen van het slechte nieuws. ‘Er gaan dingen heel goed, en er gaan een aantal dingen helemaal niet goed. In mijn rol is het belangrijk dat je dan niet zegt: het gaat gemiddeld lekker. Nee, ik moet benoemen dat het slecht gaat en wat mensen van mij kunnen verwachten om het op te lossen.’
En dat is in haar geval een ongekend grote verbouwing van het stroomnet. Van Beek gaat over een astronomisch bedrag van €160 mrd aan investeringen. Daarvan moet de netbeheerder de komende tien jaar meer dan 700 grote infrastructuurprojecten uitvoeren. Van het bouwen van enorme hoogspanningsstations en het aanleggen van honderden kilometers aan kabels die heel het land doorkruisen, tot het aansluiten van windparken op zee.
‘Daarvoor hebben we tot 2045 zo’n 4000 voetbalvelden aan ruimte nodig. Samen met de regionale netbeheerders halen we één op de drie straten open. Het is een grotere klus dan de Deltawerken, qua omvang en complexiteit.’
Er leven een hoop zorgen dat het zo lang duurt voordat die verbouwing af is. Kan het niet sneller?
‘Een gemiddeld project neemt tien jaar in beslag: acht jaar praten en dan twee jaar bouwen. Bij een typisch project heb je in het vergunningsproces te maken met honderd eigenaren van grond waar bijvoorbeeld een kabel doorheen moet. Als één van die eigenaren tot het bittere einde doorprocedeert, kan het zijn dat je naar een andere route voor de kabels moet gaan kijken en dan weer opnieuw met honderd eigenaren aan tafel moet. Dan snap je wel waarom het lang duurt. En dan is er ook nog eens een tekort aan materialen, maar vooral aan mensen.’

Is het vergunningsproces in Nederland doorgeslagen?
‘Ik ben er een groot voorstander van dat iedereen gehoord wordt, maar je kan je afvragen of in Nederland het belang van het individu te zwaar weegt ten opzichte van het bredere maatschappelijke belang.’
In de tussentijd moeten bedrijven gewoon tien jaar of soms zelfs langer wachten totdat jullie klaar zijn?
‘Het lijkt nu of er niks kan terwijl wij het elektriciteitsnet uitbreiden, maar dat is niet zo. Er kan heel veel, maar dan moeten bedrijven wel meedoen.’
Ze wijst op contracten die het mogelijk maken voor bedrijven om de spits te mijden. Het stroomnet zit namelijk niet de hele dag vol, maar alleen op piekmomenten, bijvoorbeeld als iedereen thuiskomt, kookt, de vaatwasser aanzet en de elektrische auto in de lader steekt. Als bedrijven een deel van hun energieverbruik verplaatsen naar momenten dat het rustig is op het net, zoals in de nacht of midden op de dag, dan komt er wel weer ruimte voor nieuwe bedrijven of de verduurzaming van bestaande bedrijven die meer stroom nodig hebben. Bekende voorbeelden zijn vrieshuizen die een paar uur wat minder hard koelen of kassen die hun lichten op een vroeger of later tijdstip aanzetten. Voor sommige fabrieken betekent het dat ze hun bedrijfsprocessen ingrijpender moeten omgooien. Er is tot nu toe dan ook geen overweldigend enthousiasme onder bedrijven om hiermee aan de slag te gaan.
‘We hebben het afgelopen jaar heel hard gewerkt aan contracten die het mogelijk maken om de spits te mijden’, zegt Van Beek. ‘Ik doe echt een moreel appel op bedrijven om daar gebruik van te maken. Het kan het verschil maken tussen vol vooruit met de verduurzaming van Nederland of tien jaar zitten wachten tot het net is uitgebreid.’
Bedrijven zeggen dat de contracten die jullie aanbieden niet aantrekkelijk genoeg zijn.
‘Daar is sinds deze zomer verandering in gekomen. Ze kunnen met zo’n contract tot 65% korting krijgen op de nettarieven. Dan heb je aardig wat euro’s om te investeren in een meer flexibele werkwijze. Voor sommige bedrijven loopt dit in de miljoenen.’
Een deel van de bedrijven denkt: waarom zouden wij onze bedrijfsprocessen om moeten gooien omdat TenneT de zaakjes niet op orde heeft?
‘Ik ben me heel bewust van onze eigen opgave. Maar als je ziet dat wij de komende jaren €160 mrd investeren in de uitbreiding van de netten, kan je niet zeggen dat wij stilzitten. Als bedrijven in die tussentijd handelingsperspectief willen, kunnen wij dat bieden. Maar dat betekent vaak wel dat ze hun werkwijze iets moeten aanpassen. Dat vraagt soms ook om investeringen en daar krijgen ze dan een vergoeding voor.’
U vindt dat bedrijven nog te veel in de klaagstand zitten?
‘Je hoort mij ook niet klagen, maar ik ben aan het bouwen, bouwen, bouwen.’
Ook de hard stijgende nettarieven voor bedrijven zijn een punt van zorg. Afgelopen jaar stegen die in sommige gevallen met 100%. Hierdoor betalen bedrijven veel meer voor energie dan in buurlanden, waardoor hun concurrentiepositie verslechtert.
‘Van die tarieven moeten wij de nieuwe Deltawerken bekostigen. Maar het is zo dat bedrijven in het buitenland gigantische subsidies krijgen op de tarieven. Ook in Duitsland, waar wij actief zijn. Nederland heeft die subsidies afgeschaft. Dan krijg je een ongelijk speelveld. Dat helpt niet. Het is aan de politiek om daar iets aan te doen. Je hoort in die discussie ook wel dat Nederland dan maar even op de pauzeknop moet drukken wat betreft verduurzaming. Dat lijkt mij het slechtst denkbare scenario. Er zijn ongelooflijk veel onderzoeken waaruit blijkt dat niet investeren in het net nog veel meer kost dan wel investeren.’
Dat de verbouwing van het stroomnet gigantische bedragen gaat kosten, was het afgelopen jaar ook in Den Haag een heet hangijzer. Vooral de investeringen in het Duitse deel van TenneT baren politici zorgen. TenneT is volledig in handen van de Nederlandse staat. Als het bedrijf op korte termijn geld tekort komt, moet dat uit de staatskas komen. Het kabinet en de Kamer hebben er weinig trek in om Nederlands belastinggeld in Duitse netten te steken.

Het Duitse deel moet dus worden verkocht, is besloten. Maar onderhandelingen om TenneT Duitsland aan de Duitse staat te verkopen, klapten eerder dit jaar. Berlijn kon de €22 mrd niet ophoesten die de netten in Duitsland zo ongeveer moeten opbrengen.
Van Beek moet op zoek naar private kopers voor een deel van de Duitse tak. De netbeheerder onderzoekt nu zowel de mogelijkheden van een beursgang als een onderhandse plaatsing van aandelen bij grote institutionele beleggers. Over dat proces kan Van Beek niet veel zeggen. Maar het beeld dat er tot op heden grote geldstromen naar onze Oosterburen zijn gevloeid, wil ze bestrijden. ‘Er is tot op de dag van vandaag geen cent belastinggeld naar TenneT Duitsland gegaan. Sinds de koop van de Duitse netten is er meer dan een miljard aan dividend uit TenneT Duitsland uitgekeerd via de holding. Dat geld gaat dus precies de andere kant op: de Nederlandse staatskas in.’
Daarnaast somt ze nog een aantal voordelen op die de aankoop van de Duitse netten heeft opgeleverd. Zoals schaalvoordelen bij de inkoop van groot materieel. Bij Van Beek is dan ook geen wild enthousiasme te bespeuren over de splitsing van TenneT Nederland en Duitsland. ‘Maar dat is nu eenmaal de politieke realiteit waar ik mee te maken heb. Als bestuurder van een staatsbedrijf als TenneT probeer je ministers zo goed mogelijk te adviseren. Maar je moet ook weten wanneer het het moment is om je mond te houden en gewoon te leveren.’
Zo ook bij het recente besluit van minister Sophie Hermans van Klimaat en Groene Groei om TenneT uit een groot klimaatproject te wippen. Er moet de komende jaren een pijpleidingnetwerk worden aangelegd dat vanaf de Rotterdamse haven via Limburg naar het Duitse Ruhrgebied loopt: de zogeheten Delta Rhine Corridor. Daar komen voorlopig niet de stroomkabels van TenneT in te liggen, zoals altijd de bedoeling was, besloot Hermans. Om tijd te besparen komen er alleen pijpleidingen voor het vervoer van groene waterstof en CO₂ in de Corridor.
TenneT was fel tegen dit besluit gekant. ‘Maar uiteindelijk ben ik wel blij dat het genomen is’, zegt Van Beek. ‘Want wat ik nog weleens mis in Nederland is echt leiderschap. Vaak wordt gekozen voor de weg van de minste weerstand, maar als leider moet je uit die comfortzone stappen. Het pad naar een klimaatneutrale economie is er wel, maar het is steil en hobbelig, dus misschien moeten we wel de weg van de meeste weerstand nemen.’
Ze ligt zelf ook niet wakker van de beslissingen die ze neemt, zegt de topvrouw. ‘En ik neem er heel veel, iedere dag. Het zullen ook lang niet allemaal goede beslissingen zijn. Waar ik me veel meer zorgen over maak, zijn de beslissingen die niet worden genomen, die we voor ons uitschuiven.’
Gevraagd naar een voorbeeld, moet ze een tijdje nadenken. Aan het einde van het gesprek komt ze er op terug. ‘Wanneer gaan we nou de crisis- en herstelwet toepassen bij grote projecten die nodig zijn voor de energietransitie? Het toepassen van die wet zou grote infrastructurele projecten van TenneT flink kunnen versnellen, maar er wordt al jaren over gesteggeld. Terwijl je ziet wat de maatschappelijke gevolgen zijn van die enorm lange doorlooptijden. Dus hak die knoop nou eens door.’
Dan wordt er op de deur van haar hotelkamer geklopt. ‘De schoonmaker. Ik word de kamer uitgezet.’ De vlucht van Van Beek is tijdens het gesprek nog meer vertraagd, dus ze zal elders de tijd moeten doden. ‘Ik ga maar even Oslo in. Een glühwein drinken.’ Het is tenslotte ook voor de ceo van TenneT vrijdagmiddag.
Cv Manon van Beek
- 1989-1996: Business economics , Vrije Universiteit Amsterdam
- 1989-1991: Rechten, Universiteit van Amsterdam
- 1996-2019: Verschillende functies bij consultant Accenture
- 2013-2018: Country manager Accenture Benelux
- 2018-heden: Bestuursvoorzitter TenneT
- Manon van Beek is getrouwd en heeft twee kinderen